maandag 10 juni 2013
Alpe dHuZes, fietsen maakt strijdbaar
Samen hebben zij, met dank aan veel collega’s, partners van e-office, e-office en work21 maar liefst 33.000 euro opgehaald!!!
Wij zijn weer ontzettend trots op jullie prestaties! Zie hier ook de blog van Roland Hameeteman.
http://www.e-office.com/corporate/index/alpedhuzesfietsenmaaktstrijdbaar#.UbW1Q5VGd74
dinsdag 29 januari 2013
7 tips voor meer vitaliteit op de werkvloer
Door Karen Frank.
Laatst was ik op een congres over duurzame inzetbaarheid van medewerkers, georganiseerd door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Aanleiding voor dit congres: van alle werknemers in Nederland heeft 41% last van werkstress en 13% een burn-out. Dat maakt dat het verbeteren van veerkracht, weerbaarheid en mentale en lichamelijke vitaliteit bij veel organisaties op de agenda belandt.
Nu hoor ik je denken, duurzame inzetbaarheid, vitaliteit, wat heeft dat met de e-office groep te maken? Alles. Bij e-office en work21 geloven we namelijk in de Kracht van Mensen. Wij willen mensen helpen hun volle potentie te ontwikkelen en het optimale uit hun talenten te halen. Mensen helpen groeien waardoor vervolgens ook het bedrijf groeit. Nu doen we dat bij e-office door mensen beter met elkaar te laten samenwerken en kennis te delen. Maar wil je een vitale organisatie zijn die kan inspelen op veranderende (markt)omstandigheden dan heb je naast technologie om beter samen te kunnen werken, ook vitale mensen nodig. Alleen als je vitaal bent kan de creativiteit, kennis en het talent optimaal stromen.
Op het congres maakte Jochem Uytdehaage een leuke vergelijking met de topsport. Daar traint men veel, speelt een wedstrijd om vervolgens weer te herstellen en te trainen voor de volgende wedstijd. In het bedrijfsleven zijn we voornamelijk bezig met het spelen van de wedstrijd en weinig met trainen of met herstellen.
En door Het Nieuwe Werken vervagen die grenzen nog meer. Gelukkig droeg Jochem een aantal oplossingen aan, waar ik me helemaal in kan vinden:
1. Ga mediteren: we kunnen namelijk niet waarnemen en denken tegelijk.
Dus denk je teveel, ga dan terug naar je waarneming op dat moment.
2. Zorg voor tijd met ongestoorde aandacht. Als je aandacht wordt getrokken,
duurt het 7-10 minuten voordat je weer met je aandacht terug bent bij waar je
mee bezig was. Dit kost erg veel energie.
3. Eet goede voeding die je lijf voedt in plaats van vult en zorgt voor meer energie.
4. Zorg voor voldoende slaap.
Ik wil daar zelf nog drie tips aan toevoegen:
5. Zorg voor een doel in lijn met je bezieling, dan verspil je weinig energie.
6. Ga op zoek naar positieve berichten en humor: lachen en positief denken
verminderen stress en zorgen voor meer vitaliteit.
7. Maakt een lijstje met jouw top 10 prioriteiten, waar je je tijd en aandacht aan
wilt besteden. Wedden dat TV kijken niet hoog scoort.
Bedrijven die nu al inzetten op meer vitaliteit op de werkvloer hebben straks gezonde en vitale medewerkers die de uitdagingen van de 21-ste eeuw aankunnen.
vrijdag 28 december 2012
Hoeveel tijd kost een activiteit? Pomodoro stap 1.
In mijn reis naar Certified Pomodoro Technique ® Master bestaat de eerste stap uit het onderzoeken hoeveel tijd een activiteit nou eigenlijk kost.
Het gaat mis
Volgens mij gaat zoiets in je hoofd even mis. Je gaat er van uit dat je perfect kunt inschatten hoeveel tijd iets eigenlijk kost. Maar waarom blijft er aan het eind van de dag toch zoveel liggen. Blijkbaar lijdt ik aan een chronische aandoening: zelfoverschatting in tijd.
Ik denk dus dat een activiteit een uurtje tijd kost, maar in werkelijkheid is dat langer… Maar waarom? Hier heb ik eens even over nagedacht en ben gekomen tot het volgende lijstje:
- externe verstoringen (zoals telefoon, bezoek, deurbel)
- interne verstoringen (zoals e-mail, fantasie, mijmeringen etc.)
- perfectionisme (het kan altijd beter, toch)
- prioriteiten even scheef, dus het andere moet toch nog even voor
- het aantal flits-activiteiten is te groot (kleine mini activiteiten die door het grote volume serieus tijd gaan vreten)
- lichamelijke ongemakken (dorst, honger, snoep-aanval, toilet bezoek)
Misschien kom ik op deze reis op nog meer redenen waarom mijn aandoening niet echt prettig aanvoelt.
Voorzichtige conclusies
Als ik kijk naar mijn lijstje met activiteiten en ik zie hoe lang ik er werkelijk mee bezig ben, dan concludeer ik twee dingen:
- alle activiteiten duren feitelijk langer (dat maakt mijn aandoening chronisch)
- de overshoot is ongeveer 25% tot 30% (dat maakt mijn aandoening pijnlijk)
Het moet dus anders, en zoals bij elk doktersbezoek: het is niet fijn om te horen dat er iets mis is… je weet dat je er nu iets aan kan (of moet) doen. Tijd voor actie dus!
Eerstvolgende aktie
Ik krijg al een aardig inzicht in het "waarom het langer duurt dan gepland". En daarmee heb ik aangetoond dat ik de eerste stap succesvol heb gezet!
- onderzoek hoeveel tijd een activiteit werkelijk kost DONE!
- leer hoe je jezelf kunt beschermen tegen verstoringen van buitenaf
- maak goede inschattingen over het aantal pomodoro's die je nodig hebt voor een activiteit
- plan ook het afvinken en evalueren in
- plan de pomodoro's in je eigen dagritme
- vind je eigen doelstelling om te werken met de pomodoro's
zondag 2 december 2012
Mijn reis naar een Certified Pomodoro Technique ® Master
We zijn altijd op zoek naar meer tijd, hogere kwaliteit, meer doen in minder tijd. Maar hoe?
Een van de technieken waar ik al eerder over schreef is The Pomodoro Technique. Ik was al een fan en gebruik het vooral als ik thuis werk en de zaken af moet maken. Maar ik wil dit naar een hoger plan trekken. Waarom?
Een hoger plan
Ik vind dat mijn tijd kostbaar is. Zakelijk gezien (het is druk, dus moet er veel in de beschikbare tijd) maar ook privé (alleen maar werken is niet wat je leven inhoud geeft). Dus: doelen stellen, akties SMART maken, planning maken en GAAN!
Het plan
Mijn plan is dus om Certified Pomodoro Master te worden. En wie heeft daar wat aan? Nou, dat is makkelijk: IKZELF. Vind ik wel een prettige doelgroep voor mijn plan! Het is mijn eigen reis om beter met mijn tijd om te gaan. Het enige wat je hiervoor moet doen is het vastleggen van het doorlopen van 6 stappen.
6 stappen
De certificering gaat er van uit dat je aangeeft dat je de volgende 6 doelstellingen expliciet doorloopt:
- onderzoek hoeveel tijd een activiteit werkelijk kost
- leer hoe je jezelf kunt beschermen tegen verstoringen van buitenaf
- maak goede inschattingen over het aantal pomodoro's die je nodig hebt voor een activiteit
- plan ook het afvinken en evalueren in
- plan de pomodoro's in je eigen dagritme
- vind je eigen doelstelling om te werken met de pomodoro's
Mijn stok achter de deur
Deze blogs (de postings verschijnen op meerdere blogs) gebruik ik om aan te tonen dat ik voortgang boek op de 6 stappen. Geen Hiep Hiep Hoera verhalen, maar de toppen en dalen van deze reis. Ik wil dit echt, dus gaat het ook gebeuren. De bestemming is gekozen, de reis is vol verrassingen.
Mijn uitdaging
Mijn uitdaging is om mijn plan vol te houden. Ik zou het fantastisch vinden als je mij af en toe wat steun wil geven (Twitter, blog reactie, bellen, mailen, wat jou het beste uit komt). Misschien kan ik je zelfs verleiden om mee te doen?
vrijdag 14 september 2012
Zijn medewerkers goed voorbereid op tijd- en plaats onafhankelijk werken?
Nee, een gedegen plan van aanpak is noodzakelijk voordat je hiermee kunt starten (46%, 30 stemmen)In de poll van vorige maand zegt ongeveer de helft: nee we zijn niet goed (genoeg) voorbereid om tijd- en plaats onafhankelijk te kunnen werken. We hebben een aanpak nodig.
Nee, zeker de oudere generaties niet (23%, 15 stemmen)
Ja, de huidige generatie medewerkers kan dit zelf goed invullen (18%, 12 stemmen)
Weet niet, geen mening (13%, 5 stemmen)
Een kwart van de respondenten geeft aan: nee, we (of ze) zijn te oud. Samen met de categorie “Weet niet” is een totaal van 85 procent het er over eens: we zijn niet goed op voorbereid. Een kleine 20% vindt dat ze dit wél zelf kunnen invullen.
Wat nuances
Wat is goed nu precies voorbereid? Wat moet er in een Plan van Aanpak komen te staan? Waarom kan de een het zelf en verwacht de ander een aanpak? Het gaat over veranderbereid en verander bekwaam.Veranderbereid heeft vooral te maken met emotioneel, je eigen houding en gedrag en de onderlinge verhoudingen tussen jou en je collega’s, het gevoel van veiligheid bij jou en je leidinggevende en zijn methode van (aan)sturen. Veranderbereidheid heeft volgens mij niet veel met demografische variabelen te maken, zoals leeftijd of geslacht. Het zit meer in je mindset. Evolutie op dit gebied heeft tijd nodig.
Veranderbekwaamheid laat zich beter plannen en voorbereiden. Met informeren en wat uitleg gaat het al heel wat beter. Verander bekwaam kan wel demografisch zijn, omdat hier jouw persoonlijke context meespeelt én jouw verleden of je historie ook de opties kunnen bepalen. Als je nooit gewerkt hebt met web collaboration, mixed teams, chat en presence en web cams, dan weet je ook niet dat ze je kunnen helpen om tijd- en plaats onafhankelijk te werken.
Hier zien we dat we planmatig te werk kunnen gaan vanuit een meer centrale regie. Adoptie strategieën kunnen vanuit een project ingezet worden. Meestal maken we materiaal wat via de lijn uitgerold kan worden.
Voorbereiding fysiek en emotioneel
Als we tijd- en plaats onafhankelijk werken gaan inzetten, betekent dat veranderingen (of ontwikkeling of evolutie) op het gebied van de concrete middelen (ICT en huisvesting) en de zachte middelen (je gedrag en de sturingsmiddelen uit je organisatie).Onderstaand figuur zet de harde kant af tegen de zachte kant.
Als je de mindset hebt tot flex-en (flexwerken) zonder dat je omgeving en je ICT middelen dit bevestigen of mogelijk maken, is een moeilijke verandering. Je denkt “nieuw” maar moet dat doen met “oude” middelen in een traditioneel hokjes-kantoor. Fysieke aanpassingen en het uitrollen van technologie zonder verder ontwikkeld gedrag en sturing betekent een oppervlakkige verandering die niet lang duurt. Hier zien we veel voorbeelden van kantoortuinen met aanwezigheidsplicht, onderverdeeld naar vaste hiërarchische afdelingen die dus “nieuw doen” maar nog steeds “oud denken”.
Combineer je beide, dan wordt de gedragsontwikkeling ook bevestigd door de middelen en je omgeving. Dat blijft plakken. En die plakkerige boodschappen verwijzen altijd naar de combinatie van veranderbereidheid en verander bekwaamheid. Ze zijn boodschappen die je tegelijkertijd informeren en ook raken in je belevingswereld.
Laat dat nou de kern van je Plan van Aanpak zijn!
zondag 11 december 2011
Yellow en Blue: de juiste mix van inventiviteit en structuur
Voorspelbaarheid en proces, maar toch de mogelijkheid om inventief te luisteren naar je klant?
Roland Hameeteman schreef het boek Yellow en Blue om uit te leggen hoe deze conflicterende paradigma’s onnodig veel energie kosten. Veel organisaties worstelen met het behouden van structuur maar toch iedere keer maar weer kunnen inspelen op de vraag van die klant.
Wil je het boek bestellen, dan kan dat op Management Boek, de echte tablet fanatics downloaden natuurlijk de e-book variant (check beschikbaarheid).
Het boek legt uit waarom het wringt. work21 kan je helpen om uit te leggen hoe je het vervolgens aanpakt. e-office heeft oplossingen om het concreet te maken richting software. Hoe kun je omgaan met creativiteit en inventiviteit met behoud van je voorspelbaarheid en je staande processen!
woensdag 16 november 2011
Thuiswerken, ergens werken, focus en Pomodoro…
Wat heeft Het Nieuwe Werken, thuiswerken, focus en tomaten danwel Pomodoro met elkaar te maken? Nou, vrijwel alles.
Zelf ben ik een groot voorstander om goede plekken te zoeken die aansluiten bij je activiteit. Hiervoor hanteer ik de volgende beslissingsboom:
- werk je of werk je niet?
- welke activiteit ga je uitvoeren?
- is sociaal of brein in het spel?
- waar kun je dat het beste doen?
Misschien wat meer uitleg? Komt ie…
1. werk je of niet?
Ik begrijp niets van de opmerkingen dat je gestoord wordt door je kinderen als je thuis werkt. Eigenlijk werkt het voor mij heel simpel: papa werkt en wordt niet gestoord, of papa heeft alle aandacht voor zijn kinderen en werkt dus NIET. Ik heb mijn kinderen geleerd dat ze mij niet mogen storen als ik in mijn kantoor ben. Niet schreeuwen, roepen, deur open maken etc. Maar als ik uit mijn kantoor kom, dan is papa er wel voor de kinderen. Maar dan ook onvoorwaardelijk. Heel helder en duidelijk voor mij en voor de kleine badapen.
Je moet echter wel strak schakelen, al bellend naar beneden lopen en met wilde gebaren de kinderen tot stilte manen… ik zie het me niet doen.
Dus is het effect ook heel duidelijk. Of je werkt gefocussed en bent zeer goed bereikbaar OF je besteed tijd aan je gezin en bent beperkt bereikbaar.
2. welke activiteit
Ik plan bewust mijn activiteiten en kan ze ook goed kwalificeren naar impact op mijn brein. Is het verwerken, is het bedenken, is het lezen, is het overpeinzen, is het klantgericht, is het intern, is het lange termijn of moet het nu af? Wat ga ik vandaag doen?
3. is het sociaal of brein?
Als de activiteit veronderstelt dat je een band opbouwt met een medemens (klinkt academisch, hoor) EN/OF je hebt het brein van je medemensch (bewust oud Hollands) nodig, kies dan zonder pardon voor de fysieke ontmoeting. Ga door de file, trotseer parkeerleed en ontmoet uw medemens! Er is geen virtuele vervanger voor een emotie of voor cooking pan creatie! Overigens mogen alle andere type activiteiten voor mij zoveel als mogelijk tijd- en plaatsonafhankelijk plaatsvinden! Skype, Lync, team sites, webcam, iMessage, SMS, het mag allemaal! En valt het op dat e-mail er NIET bij staat ;-)
4. en dan de vraag: waar?
Resteer nu de vraag: waar ga ik dit doen. Zelfs fysieke ontmoetingen laat ik steeds meer op plekken plaatsvinden waar we allemaal geinspireerd van raken. In de meeste HNW kantoren zijn ook zit- en stavormen te vinden met “een twist”. Ik ben daar blij mee en daag ook iedereen uit om eens gek te doen: gebruik de zitjes, ga staand vergaderen, spring van boomstronk naar boomstronk en sluit dat Smart Board eens aan!
en de tomaten dan?
Als extra hulpmiddel ben ik op het spoor gezet van The Pomodoro Technique. Korte sprints van opperste concentratie. Dit past goed in mijn eigen focus.
Dus thuiswerken (als een van de plekken), focus op je werk met een Pomodoro en een beslisboon voor je fysieke locatie gaat je helpen om je werk goed uit te voeren. Is dit een deel van Het Nieuwe Werken? Of mis ik iets?
donderdag 3 november 2011
Nummer één excuus bij gedragsverandering voor efficiënter werken

Hoe komt het dat dit argument zo veel gebruikt wordt? En hoe weerleg je het? Het blijkt hardnekkig, met name doordat het sociaal geaccepteerd is. We vallen onszelf af als we ertegenin gaan, want wie heeft deze reden niet opgegeven bij het aanleren van iets nieuws in drukke tijden?
Buiten onszelf
Alhoewel we dit argument bij onszelf gerechtvaardigder vinden dan bij anderen (‘Ja, maar ík heb écht geen tijd, want…’) accepteren we het ook van anderen als goede reden om op de gebaande paden te blijven. Het slaat bovendien de discussie dood. Vragen naar waarmee iemand dan druk is, vinden we een aanslag op het privéleven en wordt sociaal niet geaccepteerd, zelfs niet als het gaat over iemands zakelijke agenda. Dus stel je die vraag niet zo snel.
‘Ik heb er geen tijd voor’ lijkt ook buiten onszelf te staan, alsof we er geen invloed op kunnen uitoefenen en overgeleverd zijn aan druk van buitenaf. Iemand sluit zich hiermee af om nieuwe dingen te leren. Dat het geen kwestie van tijd maar prioriTEIT is, behoeft geen nadere uitleg, dan alleen dat je er wel degelijk invloed op hebt.
Direct belonen
Ons brein is daarnaast ingesteld op kortetermijnbeloningen. Dit type beloning krijgt voorrang op die op de langere termijn, omdat het langetermijneffect door ons lastig in te schatten is en we dus liever kiezen voor de kortetermijnversie. Zo is het effect van efficiënter werken moeilijk direct in te schatten en loont het zich niet meteen. Mensen hebben het gevoel veel tijd te moeten investeren in iets waarvan ze nog niet precies weten hoe het er over een langere periode gaat uitzien. Doorgaan op de huidige wijze van werken loont dan meer, hoewel hóé dan vaak niet direct helder is.
Kleine stappen
Waarmee kun je deze ogenschijnlijk legitieme argumentatie weerleggen en zelfs omzeilen? Begin eenvoudig en klein bij de implementatie van een andere manier van werken. Focus je op quick wins – handelingen die eenvoudig zijn uit te voeren en die vrijwel direct resultaat opleveren. Wat die precies zijn, is uiteraard afhankelijk van je organisatie en werkwijze.
Weliswaar een harde manier, maar wel een effectieve, is het niet langer aanbieden van werkwijzen en tools die het oude gedrag ondersteunen. Denk bijvoorbeeld aan documentschijven die op alleen-lezen worden gezet, waardoor er wel gewerkt móét worden in de nieuwe (online) omgeving waarin documenten worden gedeeld en centraal beheerd.
Zelf ervaren door training
Voor elk nieuw soort gedrag en/of tool, is het raadzaam een fysieke training aan te bieden. Online trainingsmaterialen voor een nieuwe tool met een vrijblijvend karakter, die mensen op een zelfgekozen moment kunnen bekijken, worden zelden gebruikt als ze niet worden gecombineerd met fysieke momenten. Je aanmelden voor een training van een uur is toegankelijker dan zelf een moment in de agenda te prikken en ervoor gaan zitten – zeker als het niet verplicht is.
Vervolgens kunnen bijvoorbeeld floorwalkers de medewerkers op hun werkplek ondersteuning bieden, vragen beantwoorden en direct laten zien hoe iets werkt. Vaak wordt hiermee de drempel om op een andere manier te gaan werken grotendeels weggenomen.
No pain, no gain
En tja, het is nou eenmaal zo dat je je eerst een beetje moet inspannen om uiteindelijk verbeteringen in je werk te kunnen aanbrengen. No pain, no gain… Om je te verbeteren in bijvoorbeeld sport moet je je ook eerst inspannen door training en het verleggen van je grenzen.
‘Nothing is forever, except change’ is een gevleugelde boeddhistische uitspraak, die de kern van Het Nieuwe Werken in de context van ‘veranderende wereld van werken’ raakt. De manier waarop wij werken is continu aan verandering onderhevig en door dit te accepteren, staan we meer open voor nieuwe manieren van werken die dit naar mijn idee alleen maar leuker maken.
woensdag 19 oktober 2011
Hoe om te gaan met richtlijnen voor online kennisdelen en samenwerken?
Laatst vond er een bijeenkomst plaats over onder andere gedragsrichtlijnen voor een nieuw intern social media en samenwerkingsomgeving bij een overheidsorganisatie. Het doel was om te komen tot een proces om richtlijnen te bepalen en een aantal basis richtlijnen te bedenken voor deze nieuwe omgeving waarin online wordt samengewerkt en kennis gedeeld.Nu is het zeker voor te stellen dat het opstellen van gedragsrichtlijnen wenselijk is om zoiets nieuws als een intern social media en samenwerkingsomgeving in goede banen te leiden. Als organisatie wil je graag dat je medewerkers ermee omgaan zoals je dat beoogd hebt. Aangezien het hier gaat om een interne social media omgeving, zul je hier specifiek naar moeten kijken. Je wilt voorkomen dat hele vetes op het platform worden uitgevochten, zichtbaar voor de hele goegemeente, of dat bedrijfsgevoelige of reputatieschadende informatie op straat komt te liggen.
Maar, is dat daadwerkelijk zo? Denken we nu echt dat medewerkers het online platform gaan gebruiken om met elkaar te ruziën? En is alleen een dergelijk platform synoniem voor op-straat-liggende-informatie?
Net als externe social media is ook het gebruik van interne social media niet meer anoniem. Bij alles wat je aan informatie plaatst, staat je naam weergegeven. Het draait hier steeds meer om 'zelfreputatiemanagement'. Medewerkers zijn zich hier steeds meer bewust van. En bedrijfsgevoelige informatie die eenvoudiger bij de concurrent komt te liggen? Uitwisselingen via mail en andere vormen van communicatie en informatiedelen zijn hier toch ook onderhevig aan?
Bovendien is het niet wenselijk met een hele waslijst aan richtlijnen te komen, want als ze al überhaupt gelezen worden, het stimuleert het creatief denkvermogen van mensen niet. En dat is nu juist nodig om mensen te laten samenwerken en hun expertise in te zetten om kennis te delen via een intern online platform. In een keurslijf gedrukt weet je niet meer wat nu wel kan of niet en zul je niet zo gauw de stap zetten om er gebruik van te maken.
En waar ligt eigenlijk het eigenaarschap van de inhoud van een social media en samenwerkingsomgeving? Bij het collectief, dus bij de mensen zelf. Er komt geen redactieproces aan te pas als iemand een blog post schrijft met hierin een verslag van een conferentie die hij heeft bijgewoond. Het zijn namelijk zíjn ervaringen en die zijn niet in een proces af te kaderen, dan alleen dat hij in het platform een aantal velden in moet vullen om zijn blog post te kunnen schrijven.
Wel of geen richtlijnen?
Maar waar doe je als organisatie dan goed aan? Helemaal geen richtlijnen? Of een beetje en zo ja, hoe ziet dat eruit? Wat is dan de juiste balans?
Om een richting te geven, kun je hiervoor als basis gebruikmaken van de werelden van Yellow & Blue. 'Blue' staat voor een mechanische, voorspelbare en maakbare wereld. In de wereld van 'Yellow ' gaat het over een omgeving waarin kennis en informatie vrij kan stromen, ruimte is voor creativiteit en vertrouwen een belangrijke basiswaarde is. Beide werelden staan met elkaar in verbinding, maar zitten elkaar niet in de weg. 'Blue' is de basis van de organisatie, de onderstroom waar processen en richtlijnen zijn vastgelegd. 'Yellow' kent een hoge mate van innovatieve denkkracht en wordt nauwelijks gestoord door enige kaders.
Yellow & Blue
Een intern social media en samenwerkingsplatform bevindt zich bij uitstek in de 'Yellow' wereld. Medewerkers kunnen hun expertise kenbaar maken middels hun profiel en aangeven wie ze zijn en wat ze drijft zonder gehinderd te worden door formele functieprofielkaders. Iemand is meer dan alleen maar administratief medewerker. Deze medewerker kan specifieke expertise hebben op administratief gebied en dit is niet zichtbaar in de Active Directory (= blauw) of via zijn functieprofiel (= blauw). Bovendien heeft hij recentelijk meegedraaid in een groot project waarin hij nog meer kennis heeft opgedaan die waardevol is voor de organisatie (= geel). Door dit allemaal kenbaar te maken in een online te benaderen profiel, maakt hij zelfstandig zijn kennis inzichtelijk en kunnen verbindingen ontstaan met anderen die op zoek zijn naar deze kennis (= geel).
De balans
De balans is ten eerste te vinden door je met name te richten op hoe richtlijnen de doelgroep kunnen helpen om nog beter kennis te delen en samen te werken. De blauwe onderstroom is hierin faciliterend aan de gele stroom, daar waar het moet gaan ontstaan.
Dus richt je meer op de manier waarop medewerkers het platform het beste kunnen gebruiken aan de hand van use cases en bepaal hierop je richtlijnen in de vorm van een tip. Een dergelijke richtlijn geeft hierdoor meer een manier van werken aan die je wilt bewerkstelligen, dan een harde grens van wat wel of niet is toegestaan. Daarnaast geeft het richting aan de medewerker om uit te leggen hoe hij het beste om kan gaan met een nieuwe manier van werken.
Ten tweede kun je voor algemene richtlijnen verwijzen naar al bestaande, zoals die met betrekking tot e-mailgedrag- en communicatierichtlijnen. En als laatste kun je hieraan wat specifieke richtlijnen toevoegen hoe nu om te gaan met social media, aangezien dit voor veel mensen nog een onbekende wereld is.

